Een echte meerwaarde: League of extraordinary people

Visual-league_new-Onbeperkte-Denkers-TipanTekst

De League of Extraordinary People is het netwerk voor en door rijksambtenaren met een bijzonderheid. Het is van meerwaarde voor iedere organisatie om collega’s met een bijzonderheid  te hebben. Zij weten hoe het is om met tegenslagen om te gaan en zijn vaak erg gemotiveerd. Bovendien heeft diversiteit en collega’s die een goede afspiegeling van de maatschappij vormen binnen een team veel toegevoegde waarde.  

Ontwikkeling, beeldvorming en toegankelijkheid

“Mensen komen vaak binnen met een academische opleiding, maar met weinig werkervaring. Zij krijgen dan een baan onder hun opleidingsniveau, zodat ze eerst rustig kunnen acclimatiseren. Daarna zou er een volgende stap moeten komen, zodat mensen zich kunnen ontwikkelen en carrière kunnen maken. Deze stap ontbreekt nogal eens”, vertelt Basten. ‘’De League zet zich in om mensen met een bijzonderheid wél die volgende stap te laten maken.’’

De League wil binnen de rijksoverheid een realistisch beeld neerzetten van mensen met een bijzonderheid.  Dit kan onder andere door open gesprekken aan te gaan. “Er kan sprake zijn van miscommunicatie tussen iemand met een bijzonderheid en het management. Het management kan onnodige angsten hebben om fouten te maken. De medewerker in kwestie ziet dat wel maar weet niet goed hoe dit aan te kaarten. Wij kunnen dan aanschuiven en beide partijen samenbrengen.”

Ook toegankelijkheid speelt een belangrijke rol. “Omdat ik geboren ben met een zware rugafwijking (Scoliose), heb ik een aangepaste stoel. Toen ik bij BZK kwam werken, moest mijn aangepaste stoel van het ene gebouw naar het andere gebouw worden verplaatst. In het gebouw van mijn nieuwe werkgever kreeg ik een mail dat de stoel het pand niet in mocht, omdat deze niet bij het interieur paste. Mijn manager zei toen letterlijk: ‘Die stoel rol ik hier persoonlijk binnen en de eerste persoon die daar wat van zegt, kan een klap voor z’n kop krijgen!’ Het ontvangen van de mail was niet leuk maar met zo’n manager wist ik: dat komt wel goed! We moeten als mensen met een bijzonderheid doorzetten en medestanders zoeken. Dan vergroten we de toegankelijkheid vanzelf. In de eerste plaats doe je dat voor jezelf en in de tweede plaats voor de mensen die na jou komen. En toegankelijkheid omvat veel meer. Het gaat bijvoorbeeld ook over inclusieve sollicitatiegesprekken, veilige werkomgeving, de bespreekbaarheid van beperkingen en toegang tot informatie”, aldus Basten.

Persoonlijke motivatie

“Bij de League vind ik het makkelijker om kansen te pakken dan op mijn werk”, vertelt Marjolein. “Door de League groei ik enorm en dat is ook weer goed voor mijn team. Ook het netwerk spreekt mij aan. In deze tijden van Corona waarin we veel thuis zijn, hebben we wekelijks contact. Dit contact is ook persoonlijk en we organiseren zelfs spelletjesavonden.”

Ivan vult aan: “Ik zeg altijd dat ik twee beperkingen heb. De ene beperking is mijn autisme en de andere beperking is de betekenis die mijn omgeving en ikzelf aan dat label geven. Het kost mij tijd om het stereotype beeld van autisme dat ik over mezelf geleerd heb, los te laten. Door de League leer ik mijzelf te ontwikkelen en te verwoorden waar ik goed in ben.”

 

Hoe de League begon

Basten bracht op verzoek van het management van zijn toenmalige werkgever, het Rijksvastgoedbedrijf, mensen met een bijzonderheid bij elkaar. Het doel: samen bespreken wat er speelt, wat er goed gaat en wat er beter kan. De bijeenkomsten werden enorm gewaardeerd. Mensen konden hun hart luchten, hun successen delen en aangeven wat er beter kon. Soms schoven er mensen aan van HRM, of van het management. “Zij vonden het heel prettig om in een open gesprek te kunnen aangeven wat zij zien en ervaren in het werken met mensen met een bijzonderheid. Dit had een versterkende werking. We besloten om ons informeel te organiseren. We noemden het de League of Extraordinary People.”

De League is Rijksbreed

Managers en ook een SG van verschillende ministeries zijn in gesprek  gegaan met de League en  lieten zich inspireren. “Wat ze zagen, waren intelligente mensen met een goed verhaal, die goed functioneren in een volwaardige baan”, vertelt Basten. Ook bij andere rijksonderdelen zijn en blijven er ‘lokale’ Leagues ontstaan. Alle leagues zijn gericht op ontmoeting, kennisdeling en elkaar versterken.

Oproep

Als je een bijzonderheid hebt, denk alvast na over je volgende stap. Pak zelf de regie en neem het initiatief. Voer een open gesprek met elkaar.

En als manager hoef je de medewerker met een bijzonderheid niet met fluwelen handschoenen aan te pakken. Wees duidelijk, vertel wat er goed gaat en ook wat er beter kan”, aldus Basten. En last but not least: “Help ons om het glazen plafond te slopen. Mensen met een bijzonderheid kunnen zich ook ontwikkelen tot prima managers.”

Werk je bij het Rijk en heb je een bijzonderheid: sluit je aan bij de League. Is er binnen jouw departement nog geen League: richt er dan een op. Voor meer informatie en contact mail naar: league@onbeperktedenkers.nl

Originele artikel kun je vinden op Onbeperkte Denkers

Interview Bert van der Meiden – “Door mijn beperking heb ik geleerd te relativeren”

Bert-van-der-Meiden-Onbeperkte-Denkers-TipanTekst

Bert (64) is getrouwd en heeft een zoon. Hij woont in Ede en geniet enorm van de natuur. Hij maakt veel wandelingen met zijn twee schnauzers in het Veluwse bos. Ook houdt hij van tuinieren en verzamelt hij graag kunst en antiek.

Bert werkte al geruime tijd bij de overheid, voordat hij ziek werd. Hij had diverse adviesfuncties bij de ministeries van Financiën en Economische Zaken. Ook was hij lid van de Commissie Advies Bezwaren Functiewaardering. Door een reorganisatie ging Bert in 2007 werken bij het UBR. “Ook hier heb ik het naar mijn zin. Ik heb plezierige collega’s, een plezierige leidinggevende en leuke opdrachten.”

Incomplete dwarslaesie

In 1998 kreeg Bert pijn in zijn voeten en onderbenen. Na verloop van tijd ging hij slingeren en viel hij regelmatig. “Ze hebben mij een keer opgeraapt aan de kant van de weg. Een andere keer viel ik voor de balie van het CBS.” Terwijl Bert onderzoeken onderging bij neurologen, bleef hij werken. “Ze konden eerst niet ontdekken wat er aan de hand was. Ze dachten aan MS, of aan een tumor, maar dat bleek de oorzaak niet te zijn.” Een jaar later werd de oorzaak gevonden. Er bleek een ader in het ruggenmerg te zitten die daar niet hoorde te zitten. De ader begon te lekken en het vocht uit het ruggenmerg drukte op de zenuwen. Dat veroorzaakte de pijn. In december 1999 werd de ader uit de wervelkolom weggehaald. Het gevolg: een incomplete dwarslaesie.

Doorzetten

Bert ging revalideren bij De Hoogstraat Revalidatie in Utrecht. “Ik was enorm fanatiek. Ik sportte veel en had veel fysiotherapie. Toen ik na vijf maanden uit het revalidatiecentrum kwam, kon ik 100 meter lopen met mijn krukken. Het was ook eigenwijsheid van mij, maar toen ik thuis kwam, wilde ik een kleine ronde lopen door het bos. Ik heb daar twee uur over gedaan, maar het is mij gelukt.” Bert moest thuis verder revalideren. “Ik scharrelde wat rond in en om huis. Ik vond het heel saai om steeds alleen thuis te zijn.” Na een jaar werd hij gekeurd door het UWV. “Ik werd afgekeurd.” Hij zat anderhalf jaar thuis.

Weer aan het werk

“Toen ik een keer naar Den Haag ging, sprak ik de directeur Personeel en Organisatie. Ik gaf aan dat ik graag weer zou willen werken. Nou, mijn zegen heb je, zei de directeur. Ik ging halve dagen werken, waarvan twee halve dagen in Den Haag en drie halve dagen thuis. Mijn loon wordt voor 50% betaald door het UWV en voor 50% door mijn werkgever. De arbeidsvoorwaarden zijn goed. Ik blijf gedurende mijn hele dienstverband in deze regeling.”

Meerwaarde beperking

“Door mijn beperking heb ik geleerd om te relativeren. Wat maakt het eigenlijk uit: een functieschaaltje meer of minder. Ik word er ook niet warm of koud van, als een directeur zegt dat iets zus of zo moet. Collega’s zeggen vaak tegen mij, dat ik helder en duidelijk ben. Ik werk twintig uur en als ik dan een klus krijg waarvan ik weet dat het onmogelijk is om deze in de gevraagde tijd klaar te hebben, geef ik dat van tevoren al aan. Ik heb geleerd om met begrenzing te werken. Het is natuurlijk wel belangrijk om uit te leggen waarom iets niet kan.”

Aanpassingen

Voor zijn werk heeft Bert niet veel aanpassingen. “Ik kan wel een stukje lopen, maar ik heb veel zenuwpijn en kan niet lang zitten. Ik heb een goed bureau en een aangepaste bureaustoel. Ik heb een tijd een taxivoorziening gehad om van en naar het station te gaan. In het begin ging dat wel goed, maar op een gegeven moment kwam de taxi steeds te laat, waardoor ik te laat in de trein zat. Dan kwam ik in de spits terecht en dat is echt geen pretje. Ik kan niet blijven staan en mensen gingen niet voor mij opstaan. Ik heb toen maar besloten om weer te leren fietsen. Dat ging wel goed. De afstand naar het station kan ik net halen. Maar nu met Corona verwacht ik niet, dat ik gauw weer in een trein zal stappen. Ik val met mijn dwarslaesie in de risicogroep en heb daarnaast snel last van benauwdheid. Het thuiswerken gaat overigens prima. Er is veel mogelijk met videobellen en nu de restricties weer minder worden, komen er ook regelmatig collega’s bij mij thuis voor overleggen. Bij mooi weer zitten we dan heerlijk in de tuin.”

Ga werken als het lukt

Bert heeft nog een aantal tips voor mensen met een arbeidsbeperking. “Ik raad iedereen aan om, als het mogelijk is, iets van werk te doen. Je wordt er hartstikke gek van om de hele dag thuis te zitten. Werken is goed voor je contacten en je blik blijft ruim. Kijk niet naar wat je niet kunt, maar naar wat je wel kunt. Laat je hoofd niet zo snel hangen. Zorg ervoor dat jezelf de regie neemt; een ander doet het niet voor je. Wacht niet af tot het UWV stappen zet, maar ga zelf naar je werkgever. Licht het UWV wel voortijdig en goed in. Als je thuis komt te zitten door een beperking zorg er dan voor dat je in contact blijft met collega’s. In mijn revalidatieperiode heb ik regelmatig rapporten gelezen van mijn collega’s. Ik wist dat er een reorganisatie was en ik weet daar toevallig veel van af. Ik ga liever lezen, dan niksen. Ga niet zomaar overal werken, maar kijk wat je leuk vindt. Zeg niet overal ja op, probeer gezond te blijven en zorg goed voor jezelf.”

Tips voor de overheid

Ook heeft Bert nog een aantal tips voor de overheid. “De meeste functies zijn geschikt, of kunnen zo aangepast worden, dat mensen met een arbeidsbeperking ze prima kunnen uitvoeren. Eventueel kan men de functies labelen. Daarbij kan men zo nodig aangeven met welke arbeidsbeperking een bepaalde functie absoluut niet kan worden uitgevoerd. De overheid kan het UWV op de hoogte stellen van wat voor functies er zijn, zodat het UWV kandidaten kan doorverwijzen naar deze functies. Het is belangrijk om het proces goed te faciliteren, zodat mensen niet steeds het wiel opnieuw hoeven uit te vinden en zich volledig kunnen richten op hun eigen functie.”

Originele artikel kun je vinden op Onbeperkte Denkers

Interview Ries Schmitz – “Van thuiszitten word ik gek”

Ries-Minerva-Onbeperkte-Denkers-TipanTekst

Ries (63) is getrouwd en heeft drie kinderen uit een eerder huwelijk en twee bonuskinderen van zijn huidige vrouw. Hij woont in Scheveningen, vlakbij de duinen. “Binnen vijf minuten ben ik op het strand.” Ries sport twee keer per week in de sportschool en wandelt veel. Ook is hij vrijwilliger bij Mentor Support en doet hij sinds kort vrijwilligerswerk bij het museum Oranjehotel. Hier hebben in de Tweede Wereldoorlog verzetsstrijders gevangen gezeten.

Hij heeft ook zijn stamboom uitgezocht. “Een van mijn voorvaderen blijkt co-founder van Heineken te zijn.”

Van thuiszitten word ik gek

Ries Schmitz werkt al meer dan dertig jaar voor de overheid. Ries vervulde verschillende functies, zoals hoofd van de administratieve organisatie, promotor voor FAIS en kostprijsdeskundige. In 1991 werd bij Ries een hersentumor ontdekt. Doordat zijn geheugencentrum was aangetast, lukte het niet meer om te werken. Na anderhalf jaar ziek thuis te zijn geweest, stapte hij naar de directeur en zei: “Geef mij alsjeblieft werk. Ik word helemaal gek van het thuiszitten.” Zijn werkgever liet hem in 1993 testen en het bleek dat Ries 80-100% was afgekeurd voor zijn huidige functie. “Ik kon eventueel wel halve dagen ondersteunend werk doen. Dit greep ik direct met beide handen aan. Maar zie je het voor je: een secretarieel medewerker met geheugenproblemen?” Ries pakte andere klussen op, die niet bij het reguliere werk van de afdeling hoorden. “Voor beleidsmedewerkers deed ik uiteenlopende klussen. Zo maakte ik bijvoorbeeld PowerPointpresentaties. Daar was ik goed in. Ook zocht ik uit welk tijdregistratiesysteem we bij de afdeling konden gebruiken.

Ik zorgde er zelf wel voor dat ik werk kreeg. Ik maak nog steeds gebruik van mijn contacten om werk naar mij toe te halen.” Na een reorganisatie in 2001 ondersteunt Ries verschillende projecten. Een van die projecten is “evacuatie grote overstromingen”, www.overstroomik.nl. Nu biedt hij ondersteuning aan een project van diverse ministeries om meer “water”-opdrachten voor het Nederlandse bedrijfsleven, vanuit het buitenland, binnen te halen.

Onzichtbare beperking

“Niemand ziet of hoort aan mij dat ik een beperking heb. De kras op mijn hoofd zit onder mijn haar. Daarom is het voor mij extra belangrijk om aan te geven wat mijn beperking is. Als ik wil, kan ik meepraten als een directeur, maar het is vooral belangrijk dat ik eerlijk en open ben over mijn beperking. Het is voor een manager heel lastig als hij geconfronteerd wordt met een beperking, terwijl hij ervan uit gaat, dat iemand iets wel kan. Want als mensen het niet weten, kunnen ze er ook geen rekening mee houden.”

Laat zien wat je wilt en wat je kunt

Ries heeft een aantal tips voor mensen met een arbeidsbeperking. “Als iemand met een beperking krijg je algauw het stempel dat je niets kan. Laat daarom zien wat je wel kunt en wat je wilt: straal dit ook uit. Een kruiwagentje, iemand die je begeleidt naar het juiste traject, is daarin erg belangrijk. Verkoop jezelf en laat je competenties zien. Neem zelf de regie en ga niet afwachten. Vraag veel en zorg dat je de organisatie kent. Vraag een organogram en zorg ervoor dat je weet bij wie je in de organisatie moet zijn voor bijvoorbeeld werkplekaanpassingen. Als je zelf de regie neemt, ga je steeds beter functioneren en dit ziet je omgeving ook.”

Niet op je tenen lopen

“Iemand met een beperking is vaak extra gemotiveerd om waar te maken wat hij heeft beloofd. Ik sta altijd voor in de rij om mijzelf aan te melden, als er gevraagd wordt om een bepaald soort ondersteuning. Het is daarbij wel belangrijk dat je niet op je tenen gaat lopen en goed voor jezelf blijft zorgen. Als mensen merken dat je goede resultaten levert, word je vaker gevraagd voor een klus. Het is daarbij belangrijk om duidelijk je grenzen aan te geven. Je kunt beter van tevoren aangeven wat je beperkingen zijn, dan achteraf moeten aangeven dat het niet gelukt is. Nee verkopen is niet leuk. Daarom is het van groot belang dat je voor jezelf weet wat je beperkingen zijn en hoe dat jou beperkt in je werk.”

Tips voor de overheid

“Ik wil niet tegen de overheid zeggen wat ze moeten doen, maar wel wat ze kunnen doen. Kijk naar de capaciteiten van mensen met een arbeidsbeperking en niet slechts naar de beperkingen. Als je iemand met een arbeidsbeperking in dienst neemt, dan krijg je iemand die veel gemotiveerder is, dan iemand die je zomaar van de arbeidsmarkt plukt.” Ries heeft nog een andere tip: “Wijs binnen een organisatie een aanspreekpunt aan voor iemand met een arbeidsbeperking, zodat hij weet waar hij terecht kan met vragen over bijvoorbeeld werkplekaanpassingen. Op deze manier hoeft het wiel niet steeds opnieuw uitgevonden te worden.”

Meerwaarde beperking

“Mijn beperking heeft mij tot een ander mens gemaakt. Vroeger wist ik altijd alles beter. Ik had een supergeheugen en dat was voor mensen heel confronterend. Voor mijn carrière was dat super, maar voor mijn omgeving was dat minder. Mensen vinden mij een fijner persoon: minder zakelijk en meer menselijk. Het geeft mij een goed gevoel om anderen te helpen. Als iemand niet op je pad komt, kun je zelf ook naar iemand op zoek gaan. Er is er maar één die jou gelukkig kan maken en dat ben jezelf. Ik bewijs mijzelf in mijn werk, doordat ik plezier heb in mijn werk. Als je lol hebt in je werk, heb je voldoening in je werk. Natuurlijk zijn er altijd dingen die ik minder leuk vind, die moeten ook gebeuren. Maar ik meld me graag aan voor leuke dingen en haal de krenten uit de pap. Het leven is een groot feest. Je moet alleen wel zelf de slingers ophangen.”

Originele artikel kun je vinden op Onbeperkte Denkers

Je kunt de wind niet bepalen, maar wel de stand van je zeilen – Yvonne Lammertink

“Je kunt de wind niet bepalen, maar wel de stand van je zeilen.” 

Vorig jaar startte Yvonne haar eigen bedrijf, iLonk. Ze geeft life counseling en lezingen aan jongvolwassenen. Ook is Yvonne druk bezig met het schrijven van een boek. “Ik wil mensen helpen met het vinden van antwoorden op levensvragen. Yvonne heeft humanistiek gestudeerd. Deze kennis zet ze graag in. “Mensen komen bijvoorbeeld bij mij met relatieproblemen. Ze vragen zich af, of ze wel of niet verder willen gaan met hun relatie, Anderen voelen zich niet tevreden over hun werk. Ook zijn er mensen die een leegte ervaren in hun leven. Het is zeker niet zo, dat ik alle antwoorden heb. Vaak komen mensen met praktische vragen bij mij, maar dan liggen er andere vragen onder. Door vragen te stellen, komt iemand bij de kern. Zo kan het zijn, dat mensen heel zorgzaam zijn, of heel verantwoordelijk, maar dat ze deze eigenschappen niet kwijt kunnen in hun werk, of in hun relatie. Daardoor kunnen zij een leegte ervaren. Het is voor hen een eyeopener om hier achter te komen.”

Yvonne geeft lezingen aan young professionals, die werkzaam zijn in de financiële sector. “De prestatiedruk is hoog. Ik merkte dat er weinig aandacht is voor levensvragen en zingeving, maar dat daar wel veel behoefte aan is. Ik wil graag in deze behoefte voorzien.” 

Hulpmiddelen

Yvonne heeft vanaf haar geboorte de spierziekte SMA. “Dit betekent dat ik totaal geen kracht heb in mijn spieren. Ik vergelijk het vaak met een lappenpop. Zonder mijn rolstoel zou ik bijvoorbeeld niet rechtop kunnen zitten.” Yvonne zit in een elektrische rolstoel. Deze rolstoel is geavanceerd en door infraroodstraling kan Yvonne haar rolstoel laten bewegen. “Ik kan wel typen, maar dit houd ik niet lang vol. Daarom werk ik voornamelijk met spraakherkenning.” Yvonne spreekt de teksten in en de computer zet dit om naar geschreven tekst. Ook kan Yvonne haar computer besturen met haar ogen. De computer kan door infraroodstraling de positie van de pupillen meten. Op deze manier kan ze de muis bedienen, maar ook teksten typen. “Dit laatste vraagt wel veel oefening. Ik maak daarom ook het meest gebruik van spraakherkenning.” Voor het geven van lezingen heeft Yvonne een stemversterker gekocht. “Mijn stem klinkt soms zacht en door deze versterker ben ik goed verstaanbaar.” 

Verandering

Yvonne schrijft een populair wetenschappelijk boek. “Je kunt dingen in je leven veranderen, je moet dingen die je niet kunt veranderen accepteren. Maar hoe weet je wat je kunt veranderen en wat je moet accepteren? Hiervoor is wijsheid nodig.” Over deze wijsheid schrijft Yvonne haar boek. Hiervoor gebruikt Yvonne voorbeelden vanuit haar eigen leven. Ook gebruikt ze theorieën uit de sociologie en filosofie. “Fysiek gezien kan ik mijzelf niet helpen. Eerder had ik nooit verwacht dat ik op mijzelf zou wonen, dat ik een eigen bedrijf zou hebben en dat ik überhaupt nog zou leven. Sommige dingen heb ik zelf veranderd, maar op andere dingen heb ik totaal geen invloed. Ik gebruik vaak de metafoor van het zeilen. Je kunt de wind niet bepalen, maar wel de stand van je zeilen.”  

Online werken

Door deze coronacrisis werkt Yvonne thuis. “De coronacrisis heeft veel invloed op mij. Ik denk dat het wel een jaar tot anderhalf jaar kan duren, totdat ik weer buitenshuis kan werken.” Daarom coacht Yvonne nu online. Ook geeft ze webinars.  

Niet in een hoekje

“Ik vind het lastig dat mensen er vaak vanuit gaan dat ik werk voor mensen met een beperking. Natuurlijk zijn ook mensen met een beperking welkom bij mij, maar mijn specifieke doelgroep zijn jongvolwassenen. Ik wil niet in een hoekje geplaatst worden. Natuurlijk heb ik een beperking. De ervaring die ik door deze beperking heb, zet ik graag in. Ik merk dat mijn verhaal iets doet met mensen. Maar verder doet mijn beperking er in mijn werk niet toe.”  

Je eigen weg – Anne van de Beek

Anne van de Beek van A-Typist

Je eigen weg gaan  

Anne studeerde film- en televisiewetenschappen. Daarna deed ze vrijwilligerswerk en werkte ze op een werkervaringsplek. “Ik merkte dat het mij veel energie kostte om naar mijn werk te reizen en om collega’s te hebben. Ook uitvoeren wat mijn meerdere zei, kostte mij veel energie.” Anne ging op zoek naar wat wel bij haar paste. 

Steuntje in de rug 

“Ik kreeg een aantal freelanceopdrachten die ik vanuit huis kon doen. Dat beviel goed. Ik ben eerst een jaartje gaan freelancen, voordat ik mij inschreef bij de Kamer van Koophandel.” Sinds vijf jaar is Anne de trotse eigenaar van A-typist. Anne ontwikkelde de Steuntje in de rug-kaarten. “als iemand chronisch ziek is, of een psychische beperking heeft, is het niet echt passend om een kaart te sturen met beterschap.” Anne ontwikkelde daarom andere kaarten met de tekst: ik denk aan je, hou vol, steuntje in je rug. “In deze coronacrisis gaat de verkoop van de kaarten erg hard.”  

Beeldvorming

Met A-typist wil Anne de beeldvorming over mensen met autisme verbeteren. “Ik schrijf recensies en artikelen over films en series over autisme.” Anne heeft haar eigen blog. Ook schrijft Anne voor het tijdschrift ‘Sterk! in Autisme’ en voor de Onderzoeksagenda Autisme. Af en toe geeft ze lezingen over autisme. Anne heeft zelf autisme. Daarnaast heeft ze last van migraineaanvallen. “In mijn werk ervaar ik mijn autisme niet echt als een beperking, maar mijn migraine ervaar ik veel meer als een beperking. Twee, of drie keer per week heb ik een aanval. Daardoor kan ik niet veel uren werken. Dat vind ik jammer. “Mijn autisme zie ik vooral als een pluspunt voor mijn werk als tekstschrijver. Ik ben goed met details, nauwkeurig, en ik kan me heel erg vastbijten in een onderwerp.” 

Ondernemen vanuit de Wajong

“Ik begon met een startkapitaal van zo’n 200 Euro. Van daaruit ben ik gaan bouwen aan mijn bedrijf. Ik ben dankbaar dat ik een Wajong-uitkering krijg. Ik denk dat ik anders geen onderneming had en ik vraag me af of ik zonder Wajong überhaupt betaald had kunnen werken. Ik heb mijn eigen aangepaste werkomgeving kunnen creëren.” 

Facebookgroep

Het ondernemen vanuit de Wajong riep bij Anne wel veel vragen op. “Ik vroeg me af welke invloed het ondernemen op mijn Wajong-uitkering had, maar niemand kon dat aan mij uitleggen. Ik dacht: ik zal toch niet de enige zijn die deze vragen heeft?” Anne richtte de Facebookgroep “Ondernemen met een beperking of chronische ziekte’ op. Er zijn nu meer dan 500 leden. “Veel leden hebben vragen over het ondernemen vanuit de Wajong. In deze Facebookgroep kunnen we elkaar helpen en van elkaar leren. Ook ontstaan er leuke samenwerkingen binnen de groep.” 

Eigen weg

“Ik heb ontdekt wat bij mij past en heb mijn eigen weg uitgestippeld. Dat gun ik anderen, zowel mensen met als mensen zonder beperking, ook. Het is belangrijk dat je weet wat je sterke en zwakke kanten zijn. Dan kun je iets zoeken, wat daarbij aansluit. Als je ondernemer bent, is het belangrijk om te weten wat je zelf kunt en wat je beter kunt uitbesteden aan anderen.” 

Leren door ervaring – Martine Baadenhuijsen

Martine Baadenhuijsen met haar hond

De koffer met ervaringsmateriaal ligt in de kast. Vanwege de coronacrisis kan Martine haar ervaringsworkshops niet geven. “Dat is enorm balen.” Maar Martine gaat niet bij de pakken neer zitten. “Ondernemen is elke keer een stapje buiten je comfortzone zetten. Zo ontstaat er groei.” Dit geldt ook in deze coronacrisis. “Mijn raderen draaien op volle toeren. Gaan we verder werken aan onze doelen en daarna de simulaties weer oppakken? Het is tijd om nieuwe stappen te zetten. Ik kan me niet meer vasthouden aan de diensten die we nu hebben. Het is tijd om nieuwe projecten op te pakken.”

Regie pakken 

Martine heeft twee ondernemingen: All Inclusive at Work en MB3 Sterk in gesprek. “Ik wil de communicatie tussen mensen met en mensen zonder beperking versterken”, vertelt Martine. “Aan de ene kant wil ik mensen zonder beperking bewust maken van de beperkingen die er zijn. Aan de andere kant wil ik mensen met een beperking, of ouders met kinderen met een beperking, leren hoe zij de regie kunnen nemen over hun eigen beeldvorming. Hoe zorg je er bijvoorbeeld voor dat er op een verjaardag niet alleen over jou en je beperking wordt gepraat?” Martine is zelf slechtziend, ook wel maatschappelijk blind genoemd. “Met het ene oog zie ik een mist. Met het andere oog zie ik goede contrasten, maar hiermee zie ik slechts 3%.” Toch laat Martine zich hierdoor niet beperken. 

Een koffer vol ervaringsmateriaal

Voor de coronacrisis reisde Martine het hele land door. “Ik reisde zo’n 2 á 3 keer per week met de trein. Dat kost mij veel energie. Maar ik heb het er graag voor over. Het geven van de workshops geeft mij zo ontzettend veel energie. Ik vind het geweldig om te doen.” Martine reist niet alleen, maar samen met haar blindengeleidehond. “En samen met mijn koffer. Ik sleep altijd een koffer vol ervaringsmateriaal met mij mee.” 

Ervaringsworkshops      

“We kunnen 18 beperkingen simuleren.” Zo laat Martine de deelnemers bijvoorbeeld ervaren hoe het is om ADHD te hebben. “We laten de deelnemers een taak uitvoeren en om de twee minuten moeten ze dan een timer zetten. Dan zijn ze dus voortdurend uit hun concentratie. Voor de deelnemers is dat vaak heel confronterend.” Een andere ervaring is het kijken door een kokerbril. “Als je door een kokerbril kijkt, mis je het overzicht. Mensen die autistisch zijn, missen vaak ook het overzicht.” Naast dat Martine zelf workshops geeft, huurt ze ook freelancers in, die ervaringsdeskundig zijn. “Helaas ligt dat nu helemaal stil.” 

Online training 

Martine is nu hard bezig met een online training over bejegening. “Ik wilde deze training al heel lang online gaan zetten. Nu heb ik mooi de tijd om de training op papier te zetten, zodat ik daarna de filmpjes kan opnemen.” Martine heeft een vaste collega in dienst. “Het is soms wel zoeken, maar er liggen genoeg klussen die opgepakt kunnen worden. Zo ben ik naast de online training ook bezig met een nieuwe website.”   

Liever voor een groep 

“Hoewel het thuiswerken mij veel energie scheelt, ik hoef niet te reizen, mis ik de interactie met de groep. Ook mis ik de nieuwe omgevingen. Ik vind het saai om urenlang alleen te zijn. Mijn aandacht verslapt sneller en ik vind het lastiger om prioriteiten te stellen.” Maar helemaal alleen is Martine nooit. Normaal gesproken deelt ze haar kantoor vaak met een collega. Nu deelt ze het kantoor met haar man en kind. Ook heeft Martine nu veel online contacten. “een voordeel van het thuiswerken is ook dat ik altijd een grote ronde kan lopen met de hond. Als ik in een stad ben om een workshop te geven, moet ik altijd maar afwachten waar ik de hond kan uitlaten.” Een keerzijde is wel dat de hond het werkaanbod mist.

Leermomenten in de crisis 

Martine zou Martine niet zijn als ze niet nog een aantal mooie ervaringsmomenten voor organisaties zou meegeven. Martine hoopt dat organisaties deze crisis gebruiken om de integratie van mensen met een beperking te verbeteren. “Organisaties ontdekken dat thuiswerken vaak ook prima kan. Voor veel mensen met een beperking is thuiswerken een uitkomst. De meeste gesprekken vinden nu telefonisch plaats. Ik hoop dat organisaties dit vasthouden. Waarom moet iemand bijvoorbeeld altijd naar een gesprek met een jobcoach toegaan? Natuurlijk heeft een livegesprek een andere dimensie, maar een groot deel van de gesprekken kan ook telefonisch. Het inloggen op systemen gaat voor mensen met een visuele beperking lang niet altijd goed. Ik hoop dat organisaties hier rekening mee gaan houden en dat vanaf het begin goed oppakken.” 

Staar je niet blind – ik maak er ook geen punt van

Vrouw met een blauwgrijs lint voor haar ogen

“Hoe kun jij dan teksten schrijven?” vragen mensen mij vaak. Ik begrijp ze wel, omdat er nog veel onbekendheid is over hulpmiddelen voor blinden. Toch ben ik altijd een beetje verbaasd als iemand mij deze vraag stelt. Ik ben vanaf mijn geboorte blind, dus voor mij is het heel normaal. 

Dubbel blindtypen

“Tja, ik typ dubbel blind”, zeg ik met een glimlach. Meestal is het ijs dan een beetje gebroken.
“Maar oké, hoe kun je de teksten dan lezen?” “O, daar heb ik heel handige hulpmiddelen voor. Op mijn laptop en iPhone heb ik spraak- en braillesoftware geïnstalleerd. De spraaksoftware leest de teksten voor. Fouten in een tekst hoor ik direct.”

Ik hoor je denken: geef mij ook die spraaksoftware. Maar wacht even, voordat je je ogen sluit en al je hoop op deze software stelt. Die beruchte d’s en t’s hoor ik echt niet. Ook hiervoor heb ik een oplossing. Ik plug een apparaat, ook wel brailleleesregel genoemd, in. En voilà: de teksten zijn nu ook in braille te lezen.

Verzorgd tot in de braillepuntjes

Is het belangrijk om aan (potentiële) opdrachtgevers te vertellen dat ik blind ben? Voor de kwaliteit van mijn teksten maakt het geen verschil. Misschien maakt het mijn teksten zelfs wel beter, want ze zijn altijd tot in de braillepuntjes verzorgd.

Ik schrijf graag over mensen met een beperking op de arbeidsmarkt. Daarvoor kan ik mijn ervaringsdeskundigheid goed gebruiken en inzetten. Maar verder? Maakt het mijn teksten anders? Is het blindzijn mijn unique selling point? Ik vind van niet. Mijn interesse in mensen, taal, mooie zinnen en tekstcorrectie, dat maakt wie ik ben als tekstschrijver en redacteur.

 

Dit is een gastblog die ik geschreven heb voor Tekstnet (link: https://tekstnet.nl/staar-je-niet-blind/)

Werken is topsport – Helma van der Boom

Foto van Helma van der Boom

Werken is topsport 

“Ik ervaar mijn werk echt als topsport. Ik zeg bijna nooit nee tegen een klus. Want welke visueel gehandicapte krijgt er nou werk aangeboden?”

Vandaag interview ik Helma van der Boom. Helma is tolk en vertaler. Zij is zeer slechtziend. 

Een continue mist 

Door een medische fout raken na Helma’s geboorte haar hoornvliezen beschadigd. “Met mijn linker oog zie ik alleen licht en donker. Met mijn rechteroog zie ik ongeveer 7 ä 8%. Het beeld in mijn rechteroog is wazig, alsof ik door een wazige ruit kijkt en er continue een mist komt opzetten. Ik ben ook bijziend, dus ik moet dingen dichtbij houden om ze goed te kunnen zien.” Helma heeft vijf keer een hoornvliestransplantatie gehad, maar dat mocht niet baten. “Ik beperk mijzelf niet. Ik wil uit het leven halen wat er in zit. 

Reguliere school 

Helma groeide op in een heel klein dorpje op het Friese platteland. Ze ging altijd naar reguliere scholen. “Ik zat op een heel kleine basisschool. Ik kon de grote letters in de boeken wel lezen. En als ik iets niet precies kon lezen, dan gokte ik wel wat er stond.” Maar zodra ze met cijfertjes ging werken, viel Helma door de mand. “Ik kon natuurlijk niet gokken welke cijfertjes er stonden. Ze vroegen toen aan mij of ik het eigenlijk wel kon zien.” Toen Helma vertelde dat ze de cijfers niet goed kon zien, werd alles voor haar onder het kopieerapparaat gelegd en vergroot. “toen ging het wel.” Na de basisschool ging Helma naar de mavo. “Ik had ook wel havo kunnen doen, maar de mavo was klein en dat was voor mij op dat moment nodig om mee te kunnen doen.” Toen Helma zeventien was, ging ze naar de meao. “dat was een grote school, maar ik kon mij toen prima redden.” Na de meao wist Helma niet precies wat ze wilde gaan doen. “Ik deed daarom een beroepentest.” Uit de beroepentest kwam de opleiding tolk en vertaler. Helma studeerde Frans en Portugees. Deze opleiding volgde ze in Maastricht. “Dat was best een grote stap, maar het was de beste keuze ooit.” 

Eigen bedrijf

In 2001 ging Helma aan het werk als tolk Portugees voor de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) Hiervoor moest ze ingeschreven staan bij de KVK. Ze startte haar eigen bedrijf “Helma van der Boom Beëdigd Tolk en Vertaler Portugees en Frans.” Helma heeft een uitgebreide klantenkring. Zo tolkt ze bijvoorbeeld voor rechtbanken, notarissen en Bureau Jeugdzorg. ZE doet veel vertaalopdrachten voor particulieren, maar ook voor vertaalbureaus en vaak wisselt ze werk uit met haar collega’s. “Ik vind het belangrijk om samen te werken. Ik zeg bijna nooit nee tegen een opdracht en als ik de opdracht niet kan doen, dan wissel ik dit uit met een collega.” 

Hulpmiddelen

Helma werkt met vergroting, spraak en braille. “Het brailleschrift heb ik op latere leeftijd geleerd. Ik vind het belangrijk om braille te kunnen lezen en schrijven. Misschien heb ik het in de toekomst nog hard nodig.” Nu werkt Helma het meest met vergrotingssoftware. “De brontekst print ik altijd uit en vergroot ik onder de loep.” Ook is er op Helma’s computer vergrotingssoftware geïnstalleerd.

Thuiswerken 

Sinds de coronacrisis werkt Helma vooral vanuit huis. “In het begin van de coronacrisis heb ik nog een keer getolkt bij een rechtbank. Ik deed er met het openbaar vervoer toen drie keer zolang over dan normaal. Het was overigens wel goed geregeld in de rechtbank. Iedereen zat netjes 1,5 meter van elkaar. Normaal gesproken zit ik naast de verdachte en fluister ik de vertaling. Nu moest ik de vertaling hardop tegen de verdachte zeggen.” Maar op dit moment zijn er eigenlijk geen klussen meer op locatie. Het meeste tolkwerk gaat nu telefonisch. Voor Helma is dat geen probleem. “Tolken via de telefoon is ook niet nieuw. Dat doe ik mijn hele carrière al. Ik ben 24/7 beschikbaar. Soms word ik ’s nachts gebeld en doe ik een tolkdienst vanuit mijn bed. Dat zijn vaak tolkdiensten voor de politie of de marechaussee van Schiphol.” Het vertaalwerk doet Helma altijd al vanuit huis. 

Geluksvogel

Naast het tolken gaat het vertaalwerk ook gewoon door. “Ik ben echt een geluksvogel. Ik ben gezond, mijn naasten zijn gezond en ik heb nog voldoende werk om te doen.” Helma heeft wel minder werk dan voor de coronacrisis. “Ik vind dat nu niet zo erg. Ik heb de laatste drie, vier jaar keihard gewerkt. Ik heb een buffer. Ik kom nu naast mijn werk ook toe aan andere dingen. Dat is ook wel eens fijn.” 

Doorzetten

Helma heeft een duidelijk doel voor ogen en is daar altijd voor gegaan. Ze heeft hard gewerkt en een enorm doorzettingsvermogen getoond. Zo is zij gekomen waar ze nu is. Ben je benieuwd naar Helma’s werk? Check dan haar website via www.helmavdboom.nl.       

Alisa van Alisa’s kadootjes enzo

Alisa van Alisa's kadootjes enzo

Kennismaken met… Alisa van Alisa’s kadootjes enzo

Ik bel Alisa voor een interview. Ze zit er al klaar voor. Op de achtergrond hoor ik verschillende dieren. Ganzen houden een ganzengevecht, de haan kraait en de schapen blaten gezellig mee. “Het is heerlijk om even buiten te zijn. Ik heb het de afgelopen weken erg druk gehad. Doordat veel mensen nu thuis zijn vanwege corona bestellen ze veel woondecoraties, plantenhouders, of gezelschapsspelletjes voor hun kinderen”, vertelt alisa.

Ongekende mogelijkheden

Alisa (32) woont in Veenendaal. Vanaf haar 27ste zit ze in een rolstoel. “Doordat mijn spieren niet goed worden aangestuurd en door spasmen ben ik afhankelijk van een rolstoel. Ik deed eerst de studie Food Innovation, maar dat was helaas niet meer te doen. Ik heb wel mijn propedeuse gehaald. Daar ben ik heel trots op.” Alisa staat positief in het leven en was dan ook getriggerd door de slogan van TipanTekst: “Wie zijn beperkingen kent, heeft ongekende mogelijkheden.” “Bij de gemeente kreeg ik de mogelijkheid om mee te doen aan een ondernemerscursus.” Alisa pakte deze kans en binnen niet al te lange tijd was haar onderneming, Alisa’s kadootjes enzo, een feit.

Eigen webwinkel

Alisa heeft haar eigen webwinkel. Ze verkoopt woondecoraties, houten kinderspeelgoed en ook gepersonaliseerde cadeautjes. “De meeste bestellingen gaan via mijn webwinkel, dus het meeste regel ik vanuit mijn huis. Ik moet wel op pad om spullen in te kopen, of om de pakketten weg te brengen om te laten verzenden. Soms sta ik ook op markten, maar dat kan nu, vanwege corona, natuurlijk niet.”

Alisa van Alisa's kadootjes enzo

Liever niet vragen

Alisa geniet ervan om op de markt te staan. “Ik vind het ook leuk om reacties van mensen direct te horen. Dat is toch anders dan wanneer ik online reacties krijg. Daarnaast genereert het meer omzet. Tegelijkertijd kost het mij veel energie om dit te doen. De avond voordat ik naar de markt ga, pak ik de bus al in. Dan hoef ik dit de volgende dag niet meer te doen. Dat scheelt tijd en energie, want die heb ik de volgende dag hard nodig.” Het uitladen van de bus en het opbouwen van de kraam zijn enorme klussen, als je in een rolstoel zit. “Een enkele keer is er weleens iemand met mij mee gegaan, die mij hielp met het opbouwen van de kraam. Soms helpen mensen mij ook weleens spontaan, maar daar wil ik niet vanuit gaan. Dat vind ik niet zo netjes.” Alisa vindt het lastig om hulp te vragen. “Het is niet zo, dat ik geen hulp wil, of dat ik het niet fijn vind om hulp te krijgen. Het is alleen zo, dat ik dan ook vaak hulp krijg bij de dingen die ik wél zelf kan. De dingen die ik zelf kan, wil ik toch zoveel mogelijk zelf doen. Ook vind ik het lastig, dat mensen mij niet vaak om hulp vragen. Ze denken algauw dat ik genoeg heb aan mijn eigen leven. Dat vind ik jammer, want ik doe graag iets voor een ander. Natuurlijk kan ik appjes sturen en vragen hoe het met iemand gaat, maar ik vind het ook fijn om praktische dingen te doen. Laatst heb ik voor iemand boodschappen gedaan die ziek was. Ik had dat aangeboden en niet veel later kreeg ik een lijstje. Ik voelde me toen zo blij, dat ik dit voor iemand kon doen.”

Zichtbaarheid

“Ik vind het best lastig om zichtbaar te zijn als ondernemer. Als je foto’s van mij ziet, zie je altijd mijn rolstoel. Daarom plaatste ik eerst geen foto’s van mijzelf, maar nu plaats ik af en toe wel foto’s van mijzelf op mijn website en social mediakanalen. Mensen verwachten niet dat je ondernemer kan zijn als je in een rolstoel zit. Toen ik een keer op de markt stond met mijn spullen vroeg iemand aan mij, of ik er namens de zorgboerderij stond. Dat deed wel even pijn.” Vaak krijgt Alisa vragen, zoals: werk je ook, of doe je ook iets? “Toen ik nog geen ondernemer was, vond ik dat lastig. Nu kan ik er eigenlijk wel om lachen. Als ik vertel dat ik ondernemer ben, krijg ik vaak veel respectvolle reacties.” Ben je ook benieuwd naar Alisa’s kadootjes enzo? Check dan snel haar website: www.alisaskadootjes.nl.

Wie zijn beperkingen kent, heeft ongekende mogelijkheden

Wie zijn beperkingen kent, heeft ongekende mogelijkheden

Alles is veranderd. Het lijkt alsof een daverende trein abrupt tot stilstand is gekomen. #Corona en al
zijn gevolgen grijpen om ons heen. Er zijn veel beperkingen: kinderen gaan niet meer naar school en
veel winkels zijn gesloten. We kunnen niet meer even een terrasje pakken en we werken massaal
thuis. Gelukkig kunnen we nog wel wandelen in de natuur. Dat heb ik vandaag gedaan.

Mogelijkheden zien

Juist in deze periode geldt mijn slogan: “Wie zijn beperkingen kent, heeft ongekende mogelijkheden.”
Zo was ik gisteren te gast bij een meeting van Business Open. Natuurlijk konden we elkaar niet live
ontmoeten, maar de meeting ging wel door via Zoom. Ik heb veel bewondering en respect voor de
creativiteit en het doorzettingsvermogen van de ondernemers.

Online werken

Als tekstschrijver en redacteur werk ik meestal thuis. Ik werk veel online en veel afspraken zijn
telefonisch, of via Skype. Voor mij is er dus geen beperking om je van dienst te zijn met het schrijven
of redigeren van je teksten. Heb je iemand nodig die je teksten schrijft, of wil je graag dat ik je teksten
check op spel- en grammaticafouten? Neem dan even contact op. Ik help je graag.